Wintertijd

Vragen en antwoorden over het gebruik van allerhande internettoepassingen.
Jorre

Wintertijd

Bericht door Jorre » 19 okt 2006, 08:29

Ja mensen.
Dit tweede komende weekend is het weer zover: je mag een UURTJE langer SLAPEN.

Euh...behalve als je vroege vogels in huis hebt :roll:

Dus a.s. zondag 29 oktober zet je klok op drie uur 's morgens. Dan draai je de wijzers terug (of druk je op de respectievelijke knopjes) tot de klok op twee uur staat, en dan sluit je terug je ogen om dromenland terug binnen te treden. :lol:

Hoe was het ook al weer begonnen? Oh ja juist:

Universele tijd - Wintertijd - Zomertijd
De aarde is verdeeld in 24 uurgordels. Volgens deze verdeling ligt België in de uurgordel van Greenwich. Onze tijd is dus de tijd van Greenwich, de Universele tijd (UT) of wereldtijd. Men gebruikt hiervoor soms nog de oude benaming GMT (Greenwich Mean Time). Dit is niet helemaal correct, zo begon tot in 1925 de dag volgens de GMT (0h) op de middag.
Tot 1 mei 1892 gebruikte men in België de plaatselijke (middelbare) tijd, meestal die van een grote stad in de buurt.

De wet van 28 april 1892 (met ingang van 1 mei 1892) bepaalde de GMT (later de UT) als wettelijke tijd in België.

Sinds de eerste wereldoorlog werd de wettelijke tijd met één uur vervroegd in sommige zomerperiodes. In de tweede wereldoorlog werd UT+1 uur opgelegd in de winter en UT+2 uur in de zomer. De juiste data vindt u in deze lijst.

Vanaf 1946 heeft men in België de klok continu een uur verschoven. In de Koninklijke Besluiten spreekt men van een vervroeging van de wettelijke tijd (de UT) met 60 minuten. België sluit bijgevolg aan bij Centraal Europa en heeft dus Central European Time (CET).
Bovendien komt daar, sinds 1977, in de zomer nog een extra uur bij. Wanneer het 13u UT is, komt dat overeen met 14u wintertijd en 15u zomertijd. Men gebruikt de afkorting CEST (Central European Summer Time).
In plaats van de term zomertijd gebruikt men ook de term Daylight Saving Time (DST).

Sinds 1996 gebeurt de overgang van winter- naar zomertijd in de nacht van zaterdag op zondag van het laatste weekend van maart en de overgang van zomer- naar wintertijd in de nacht van zaterdag op zondag van het laatste weekend van oktober. De overgangen van zomer- naar wintertijd en omgekeerd voor de periode 1995-2007 vindt u in de tabel hierna.


Overgang Datum
naar zomertijd (UT+2 uur) 26.03.1995
naar wintertijd (UT+1 uur) 24.09.1995
naar zomertijd (UT+2 uur) 31.03.1996
naar wintertijd (UT+1 uur) 27.10.1996
naar zomertijd (UT+2 uur) 30.03.1997
naar wintertijd (UT+1 uur) 26.10.1997
naar zomertijd (UT+2 uur) 29.03.1998
naar wintertijd (UT+1 uur) 25.10.1998
naar zomertijd (UT+2 uur) 28.03.1999
naar wintertijd (UT+1 uur) 31.10.1999
naar zomertijd (UT+2 uur) 26.03.2000
naar wintertijd (UT+1 uur) 29.10.2000
naar zomertijd (UT+2 uur) 25.03.2001
naar wintertijd (UT+1 uur) 28.10.2001
naar zomertijd (UT+2 uur) 31.03.2002
naar wintertijd (UT+1 uur) 27.10.2002
naar zomertijd (UT+2 uur) 30.03.2003
naar wintertijd (UT+1 uur) 26.10.2003
naar zomertijd (UT+2 uur) 28.03.2004
naar wintertijd (UT+1 uur) 31.10.2004
naar zomertijd (UT+2 uur) 27.03.2005
naar wintertijd (UT+1 uur) 30.10.2005
naar zomertijd (UT+2 uur) 26.03.2006
naar wintertijd (UT+1 uur) 29.10.2006
naar zomertijd (UT+2 uur) 25.03.2007
naar wintertijd (UT+1 uur) 28.10.2007
naar zomertijd (UT+2 uur) 30.03.2008
naar wintertijd (UT+1 uur) 26.10.2008
naar zomertijd (UT+2 uur) 29.03.2009
naar wintertijd (UT+1 uur) 25.10.2009
naar zomertijd (UT+2 uur) 28.03.2010
naar wintertijd (UT+1 uur) 31.10.2010

De overgangen gebeuren op zondagmorgen, steeds om 1u Universele Tijd (UT). Voor de overgang naar wintertijd (laatste zondag van oktober) : 3u lokale tijd wordt 2u lokale tijd, voor de overgang naar zomertijd (laatste zondag van maart) : 2u lokale tijd wordt 3u lokale tijd.

De overgangen worden geregeld bij Koninklijk Besluit door de Minister van Binnenlandse Zaken met inachtname van de richtlijnen van het Europees Parlement en de Europese Unie. (bv. voor de jaren 1998-2001 in het Belgisch Staatsblad van 19.12.1997, p.34256)

Voor de periode na 2001 werd de richtlijn 2000/84/EG (PDF) van het Europees Parlement en de Raad van 19 januari 2001 gevolgd. Deze richtlijn is door het Koninklijk Besluit van 19 december 2001 (verschenen in het Belgisch Staatsblad van 28.12.2001 en 01.02.2002) voor België omgezet in intern recht.

In dit Koninklijk Besluit staat dat vanaf het jaar 2002 de klok op de laatste zondag van maart om 1 uur 's morgens, wereldtijd (2 uur, plaatselijke tijd), ten opzichte van de wettelijke tijd honderd twintig minuten vooruitgezet wordt in plaats van zestig minuten. Ze wordt ten opzichte van de wettelijke tijd wederom zestig minuten vooruitgezet op de laatste zondag van oktober om 1 uur 's morgens, wereldtijd (3 uur, plaatselijke tijd).

Aangezien geen einddatum is gegeven, is de jaarlijkse omzetting naar zomertijd (en terug) nu van kracht voor een onbepaalde periode.

http://www.astro.oma.be/GENERAL/INFO/nli001.html

070911

Re: Wintertijd

Bericht door 070911 » 19 okt 2006, 10:59

Jorre schreef:Tot 1 mei 1892 gebruikte men in België de plaatselijke (middelbare) tijd, meestal die van een grote stad in de buurt.
Zeg Jorre, en hoe zat het toen met de uren van de dag en van de nacht? Waren die even lang? En waren die even lang in zomer en winter of hingen die van de seizoenen af?

Want ik herinner me een bezoek aan Praag. In het centrum stond een toren met een klok. De dag was opgedeeld in twaalf uren en die uren duurden dus korter in de winter dan in de zomer. De nachts was ook opgedeeld in twaalf uren en voor de uren van de nacht was het dus omgekeerd. Maar de dag duurde altijd precies twaalf uren en de nacht eveneens, zoals je kan aflezen in Het Lied van de Moldau

Am Grunde der Moldau wandern die Steine
Es liegen drei Kaiser begraben in Prag.
Das Große bleibt groß nicht und klein nicht das Kleine.
Die Nacht hat zwölf Stunden, dann kommt schon der Tag.

Es wechseln die Zeiten. Die riesigen Pläne
Der Mächtigen kommen am Ende zum Halt.
Und gehn sie einher auch wie blutige Hähne
Es wechseln die Zeiten, da hilft kein Gewalt.


Een boodschap zowaar voor al wie het even moeilijk heeft ... na regen komt zonneschijn!

Maar mijn vraag aan jou is dus: was hier ten lande ook zo'n systeem in voege? :wink:

081215

Re: Wintertijd

Bericht door 081215 » 19 okt 2006, 11:43

Jorre schreef:Ja mensen.
Dit tweede komende weekend is het weer zover: je mag een UURTJE langer SLAPEN.

Euh...behalve als je vroege vogels in huis hebt :roll:
En die hebben wij :?
Misschien dat we dit jaar de klok de avond tevoren al een uurtje terug draaien.
Hopelijk helpt dat wel tegen al te vroege opstaners want vragen om terug naar hun bed te gaan is geen optie.

Jorre

Bericht door Jorre » 19 okt 2006, 12:25

Aha, een uitdaging van onze Francis! :twisted: En garde!

Naar het schijnt wel:

Laat ons niet vergeten dat we toendertijd deel uitmaakten van de nederlanden en diverse andere overheersers: Veel leesgenot :twisted:

De torenklokken van stad en land wezen eeuwenlang de plaatselijke zonnetijd aan. Men zette ‘s middags, als de zonnewijzer de hoogste zonnestand aanwees, de klok op 12 uur. Zolang het reizen te voet, per trekschuit ging, gaf dit weinig problemen. Tussen steden en grote dorpen die praktisch geheel op dezelfde meridiaan lagen, was het onderlinge tijdsverschil gering.

Het verkeer in oostelijke richting kreeg wel met tijdverschillen te maken. De oude primitieve uurwerken waren echter onnauwkeurig, een kwartier meer of minder telde niet. De meeste mensen stonden gelijk op met de zon en gingen kort na zonsondergang naar bed.

Met de postkoets werd dit veel moeilijker, en gaf men vertrektijden aan op één plaats, maar geen aankomsttijden op de andere. meer en meer begon men wel rekening te houden met de tijd in de hoofdstad.

Maar de komst van de trein en de oprichting van de NMBS vereiste een nauwkeurige en algemene tijdsbepaling.
Vroeger had elke plaats zijn eigen tijdrekening. Als het in de ene stad 9 uur was, was het een in een volgende stad bijvoorbeeld 9.15 uur. Dat werd lastig toen er treinen gingen rijden. De spoorwegen hanteerden daarom hun eigen tijdrekening: de stationsklokken gaven overal dezelfde tijd aan. Maar de klokken in de stad zelf gaven vaak nog wel de afwijkende, lokale tijd aan! Aan deze situatie is op een bepaald moment een eind gekomen: iedereen ging zich aan de spoortijd houden.
Deze toestand veranderde echter na de onafhankelijkheid van Belgie en de opkomst van de spoorwegen. De snelle verbindingen die er tussen de steden kwam maakte een vaste uurregeling noodzakelijk, en dit zorgde dan weer voor grote problemen daar iedere stad of dorp toen haar eigen lokale tijd had die zeer sterk kon afwijken van die van de naburige stad.Om hieraan een eind te maken werd de directeur van de Koninklijke Sterrenwacht te Ukkel, de Gentenaar Adolphe Quetelet, belast met het organiseren van een uniforme tijdregeling voor gans Belgie. Hij besloot om in een aantal grote steden, waaronder Gent, een klein observatorium te bouwen dat zou uitgerust worden met een meridiaankijker. Dit moest toelaten om de lokale zonnetijd nauwkeurig te bepalen; in een aantal andere minder belangrijke plaatsen zou een muurkwadrant geinstalleerd worden met een analoog doel. Voor de lokatie van de meridiaankijker te Gent werd er contact opgenomen met de Universiteit, en er werd besloten om de telescoop op te stellen in een gebouwtje boven het peristylium van de aula van de Universiteit. Het gebruik van het observatorium voor de tijdsbepaling zou echter slechts van korte duur zijn : na de invoering van de telegraaf was het veel eenvoudiger om de tijd vanuit Brussel rechtstreeks door te seinen, waardoor de observatoria hun functie verloren.
En indertijd waren de uren en dagen natuurlijk niet even lang gezien gebaseerd op natuurlijke fenomenen.
Tijdrekening in de oudheid
Het uur van de dag werd bepaald uit de stand van de zon terwijl men zich s’avonds naar de maan of de sterren richtte. Bij een bewolkte hemel was er natuurlijk niets te zien en men nam toevlucht tot andere hulpmiddelen zoals uurwerken (aanvankelijk wateruurwerken en later mechanische klokken). Alhoewel ons dagelijks leven nu inmiddels door uiterst precieze atoomklokken wordt bepaald is de invloed van de zon in onze tijdrekening nog steeds alom aanwezig.

De Babyloniërs verdeelden de dag en de nacht elk in drie dag en nachtwaken die dus elk met vier van onze uren gelijk waren. Als de tijd wat preciezer aangeduid moest worden verdeelde men deze waken in twee of vier perioden (net zoals bij onze half uur en kwartier). Indien nog grotere precisie was vereist, werd de dag of de nachtwake in 60 kleinere eenheden (UŠ) opgedeeld. Een UŠ komt overeen met de tijd waarin de hemelsfeer 1 booggraad doordraait (ofwel 4 van onze minuten). Op haar beurt werd de UŠ weer onderverdeeld in 60 NINDA’s (elk dus gelijk aan 4 van onze seconden). De Babylonische dag begon bij zonsondergang met de aanvang van de avond.

De oude Egyptenaren maakten voor hun uurtelling gebruik van een groep van sterrenbeelden, 36 in aantal, die in een band over de hemel verdeeld waren. De nachtelijke uren telde men af aan de hand van het rijzen van deze decadesterrenbeelden aan de oostelijke horizon. Overdag gebruikte men een zonnewijzer of een wateruurwerk. De Egyptische dag begon bij zonsopgang met de aanvang van de dag.

De Romeinen daarentegen verdeelden de dag en de nacht in vier delen elk die dus met drie van onze uren gelijk waren. In tegenstelling tot de Babyloniërs en de Egyptenaren begon de Romeinse dag om middernacht.

De oorsprong van onze huidige 24-uurs indeling van de dag en de nacht is niet goed bekend. Volgens de Griekse geschiedschrijver Herodotus van Halicarnassus werd de 24-uurs dag al voor de 5de eeuw voor Christus door de Grieken van de Babyloniërs overgenomen. Andere bronnen wijzen erop dat dit pas in de 1ste eeuw voor Christus in Egypte is ontstaan en dat zij haar oorsprong dankt aan de Oud-Egyptische indeling van 36 uren waarbij de uren die in de avond en ochtendschemering verloren gingen werden weggelaten. De 24-uurs indeling van de dag is van grote invloed geweest op de hedendaagse naamgeving van de dagen van de week die voor het eerst in de eerste eeuw voor Christus opduiken in het oostelijk deel van het Middellandse Zeegebied.

Indien het nodig was om het uur in kleinere onderdelen te verdelen maakte men gebruik van het Babylonische systeem van minuten en seconden waarin de graden werden onderverdeeld.

Invloed van plaats en seizoen
Ten gevolge van de seizoenen verandert de lengte van het dagdeel en het nachtdeel van de dag door het jaar heen. Gedurende de zomermaanden gaat de zon vroeg op en laat onder zodat het dagdeel beduidend langer duurt dan het nachtdeel. Tijdens de wintermaanden is dit natuurlijk andersom. Alleen bij het begin van de lente en het begin van de herfst zijn dag en nacht gelijk van lengte. Dit treedt op rond 21 maart en 22 september en deze dagen staan daarom ook bekend als de equinoctia of de ‘nachteveningsdagen’.

Al vanaf de vroegste tijden was het gebruikelijk om zowel het dagdeel als het nachtdeel in een vast aantal gelijke uren te verdelen. De zo verkregen uren werden ‘ongelijke uren’ genoemd omdat de lengte van een dag uur verschilde van die van een nacht uur, behalve dan tijdens de equinoctia. Voor het dagelijkse leven maakte dit niet uit en zonnewijzers werden ook zo geconstrueerd dat je het juiste uur meteen uit de zonneschaduw kon aflezen. Alleen voor sterrenkundigen was gebruik van ongelijke uren onhandig en voor hun berekeningen maakten zij dan ook meestal gebruik van ‘gelijke uren’.

Tijdrekening in de middeleeuwen
Gedurende de middeleeuwen was het gebruikelijk om de uren van het dagdeel te nummeren vanaf zonsopgang (horae diei) en evenzo de uren van het nachtdeel vanaf zonsondergang (horae noctis). De uren in het dagdeel werden, naar Romeins gebruik, oorspronkelijk in vier groepen (stationes) van elk drie uren ondergebracht. Deze werden in de middeleeuwen ook vaak benoemd naar het uur waarmee de periode werd beëindigd.

- mane (ook tertia): 1ste tot het 3de uur van de dag.
- ad meridiem (ook sexta): 4de tot het 6de uur van de dag. De moderne afkorting a.m. (i.e. ‘vóór de middag’) is hiervan afgeleidt.
- de meridie (ook post meridie of nona): 7de tot het 9de uur van de dag. De moderne afkorting p.m. (i.e. ‘na de middag’) is hiervan afgeleid.
- suprema: 10de tot het 12de uur van de dag.
Evenzo werden de uren in het nachtdeel in de vier volgende nachtwaken (vigiliae) van drie uur elk ondergebracht:

- caput vigiliarum (ook prima vigilia, prima statio of conticinium): 1ste tot het 3de uur van de nacht.
- vigilia media (ook secunda vigilia of intempestum): 4de tot het 6de uur van de nacht.
- gallicantus (ook gallicinium, cantus pullorum of cantus gallorum): 7de tot het 9de uur van de nacht.
- vigilia matutine (ook vigilia matutinalis, antelucanum of antelucanae horae): 10de tot het 12de uur van de nacht.

Zeven van deze uren stonden bekend als de ‘canonieke uren’ (horae canonicae) of ‘daggetijden’ vanwege de gebeden en andere rituelen die monniken en geestelijken gedurende deze uren moesten verrichten. De namen van deze uren herinneren vaak nog aan de rituelen die oorspronkelijk op deze uren werden verricht maar gedurende de middeleeuwen zijn enkele hiervan naar andere uren van de dag verschoven.

- De lauden (‘lofzangen’) of de metten (laudes matutinae) vonden oorspronkelijk rond middernacht plaats maar verschoven geleidelijk meer en meer naar de vroege ochtenduren.
- De prieme werd gelezen tijdens het eerste uur (hora prima, ook primetijd) van de dag.
- De terts (ook tierce, tiercetijd of tertstijd) vond plaats gedurende het derde uur (hora tertia) van de dag.
- De sexten werden oorspronkelijk in het zesde uur (hora sexta, ook sextijd 8) ) van de dag gelezen maar door de geleidelijke vervroeging van het middagmaal (zie hieronder) verschoof dit gedurende de middeleeuwen steeds meer naar het vierde uur van de dag.
Gedurende het negende uur (hora nona) van de dag, die dus halverwege in de middag eindigt, vond oorspronkelijk de middagmaal (noenmaal) plaats. In de loop der tijd werd dit echter steeds meer en meer vervroegd totdat dit rond het begin van de middag viel. Vandaar dat noen (ook noenetijd of noenestond; vergelijk met het Engelse noon) nu de huidige betekenis van 12 uur s’middags heeft gekregen.
- De vesper (ook vespertijd) vond oorspronkelijk plaats in het laatste uur van de dag en vóór het eerste uur van de schemer (hora vespera) maar is geleidelijk verschoven naar het midden van de middag.
- De compli (ook completorium, complete, complie of complietijd) vond na zonsondergang plaats in het eerste uur van de nacht.

De moderne manier om de uren vanaf middernacht en de middag te tellen is pas in de late middeleeuwen ontstaan (wellicht zelfs in de Nederlanden) en dankt haar oorsprong vermoedelijk aan de praktijk om de stads en kerkklokken aan het begin van de middag met de meridiaandoorgang van de zon in het zuiden gelijk te zetten.

De doorlopende telling van 0 uur tot 24 uur vanaf middernacht vindt haar oorsprong pas in de 19de eeuw. Deze telling werd vanaf de oudheid ook wel door sterrenkundigen toegepast doch hun telling begon om 12 uur in de middag zodat er geen wisseling van het dagnummer om middernacht zou optreden.

Deze ‘astronomische uurtelling’, vanaf het begin van de middag, treft men ook aan in oude astrologische geschriften en in scheepsjournalen en werd pas in 1925 officieel door de sterrenkundigen afgeschaft.

Zonnetijd en middelbare tijd
Een zonnewijzer functioneert natuurlijk alleen overdag en dan alleen zolang de zon schijnt. Gedurende de nacht en de perioden dat de zon door bewolking niet te zien was gebruikte men andere hulpmiddelen zoals de clepsydra en andere typen van wateruurwerken en vanaf de dertiende eeuw met mechanische uurwerken (‘klokken’).

In alle gevallen diende de zon nog altijd om ze gelijk te zetten. Ging de zon door het zuiden (door de meridiaan of over de ‘middaglijn’) dan moest de klok precies twaalf uur aanwijzen. De zo gevonden tijd wordt (ware) zonnetijd genoemd. Omdat de zon gedurende het jaar soms een beetje voor en soms een beetje achter loopt ten opzichte van een eenparig rondlopende zon (de ‘middelbare zon’), moet zelfs een perfect lopende klok regelmatig bijgesteld worden.

Het verschil tussen ware zonnetijd en middelbare zonnetijd staat bekend als de tijdvereffening en varieert tussen de uiterste waarden van –14 minuten (rond 11 februari) en +16½ minuten (rond 3 november).
Het verloop van de tijdvereffening is de som van twee oorzaken:

- Een jaarlijkse afwijking ten gevolge van het feit dat de zon niet in een cirkelvormige maar in een licht elliptische baan om de aarde schijnt te lopen [feitelijk staat natuurlijk de zon stil en is het de aarde die beweegt]. Hierdoor loopt de zon gedurende de eerste helft van het jaar iets voor op de ‘middelbare’ zon en gedurende de tweede helft van het jaar iets achter.
- Een halfjaarlijkse afwijking ten gevolge van de stand van de aardas. Hierdoor loopt de projectie van de zonspositie op de hemelevenaar soms voor en soms achter op die van de ‘middelbare’ zon.

De introductie van mechanische uurwerken
Alhoewel mechanische uurwerken al vanaf de dertiende eeuw in Europa werden toegepast, was hun precisie niet erg groot en dienden zij bijna dagelijks aan de hand van de zonnestand bijgesteld te worden.

Een belangrijke doorbraak in de nauwkeurigheid waarmee de tijd gemeten kon worden vond plaats in 1656 toen Christiaan Huygens (1629-1695) het slingeruurwerk uitvond. Voor het eerst was het mogelijk om uurwerken te maken die op een paar seconden betrouwbaar waren en deze precisie ook meerdere dagen achtereen konden handhaven.

Naast het slingeruurwerk werkte Huygens ook aan de ontwikkeling van kleinere handzame uurwerken (‘horologien’) en in 1675 slaagde hij erin om de nauwkeurigheid van deze uurwerken belangrijk te verbeteren met de uitvinding van de onrust met een spiraalveer.

Om dergelijke uurwerken nauwkeurig naar middelbare tijd af te regelen was het noodzakelijk om het jaarlijkse verloop van de tijdvereffening tot op een fractie van een minuut nauwkeurig te weten en het was wederom Christiaan Huygens die al in 1665 als eerste een dergelijke tabel publiceerde in zijn Kort onderwijs aengaende het gebruyck der Horologien tot het vinden der Lenghten van Oost en West.

Dergelijke tabellen zijn daarna nog door vele andere sterrenkundigen en klokkenmakers opgesteld en tot ver in de negentiende eeuw was het gebruikelijk om bij de aanschaf van een uurwerk een tabel voor de tijdvereffening mee te leveren zodat de gebruiker zijn uurwerk met behulp van een nauwkeurige zonnewijzer naar middelbare tijd af kon regelen.

Ook probeerde Huygens uurwerken te ontwerpen waarmee het mogelijk zou zijn om de geografische lengte op zee te bepalen. Immers, als de plaatselijke middelbare tijd ergens op zee (bepaald aan de hand van de zonnestand) vergeleken kon worden met die van een klok die naar de middelbare tijd van de thuishaven was afgeregeld, dan gaf het verschil in tijd meteen het verschil in de geografische lengte aan. Voor de oplossing van dit probleem hadden verschillende zeevarende naties grote geldprijzen uitgeloofd maar Huygens slaagde er niet om een uurwerk te maken dat zeewaardig genoeg was.
En Francis, ik kaats de bal even terug (tussen ons: twee 'saaiste mannen' van het forum :lol: )
Vraag: Bij ons is het 14 uur tijdens de zomer als de zon in haar maximale culminatiehoogte staat. Verklaar dit!
Kleine hint: 'De aarde draait' 8)

Gebruikersavatar
Blauwtje
Berichten: 825
Lid geworden op: 02 mar 2005, 13:55
Locatie: Gent

Bericht door Blauwtje » 19 okt 2006, 12:35

:shock:

Zeg Jorre en Francis: merci hè, ik ben nog niet genoeg in de war... :roll:

En wie gaat er nu voor zorgen dat ik maandag niet te vroeg op mijn werk zal staan?... Wij hebben dus wel een alarm dat afgaat als je de code vergeten bent om dit af te zetten als je vergeten bent dat je geen uur te vroeg achter je computer moet kruipen hè... of zoiets... :?

Jorre

Bericht door Jorre » 19 okt 2006, 12:52

En naar analogie van de Praagse klok:

In Nederland vind je dit terug:
Een Babylonische verwarring van tijden
Voor het regelen van alle openbare uurwerken binnen een stad werd meestal een lokale klokkenmaker als opziener van de stadsklokken aangesteld. Dit betekende niet noodzakelijk dat daardoor alle klokken binnen een stad gelijk hoefden te lopen. Zo moest in 1723 de opziener van de stadsklokken van Rotterdam er onder meer op toezien dat:

“[…] de klocken op het oude hooft, op het nieuwe hooft, op de schiedamsche poort, op het Gasthuijs en op de oude Engelsche kerk moeten beginnen te slaen acht minuten voor de zon, op het Stadhuijs en op de Brouwery van de 2 Leeuwen seven minuten voor de zon, op de groote toren ses minuten voor de zon, op de fransche kerk vijf minuten voor de zon, en op de Delftsche poort even gelyck met de zon, sulks dat het voorslag of spelen van de klocken wort verstaen te geschieden in het oude uijr en het slaen van de klocken in het nieuwe uijr.”
De meest waarschijnlijke verklaring voor deze merkwaardige regeling was vermoedelijk de wens van de stadsbestuurders om het spelen van de verschillende carillons en het slaan van de klokken niet te veel door elkaar heen te laten gaan.

Voor het regelen van de stadsklokken maakte men vaak gebruik van een verticale of een horizontale meridiaan of ‘middaglijn’ waarop een afbeelding of de schaduw van de zon te zien was als deze om 12 uur zijn hoogste punt aan de hemel bereikte. Vooral in Italië, maar ook in Spanje, Frankrijk, België, Engeland en Duitsland zijn nog veel hiervan bewaard gebleven in kerken en openbare gebouwen.

Of dergelijke middaglijnen veelvuldig in Nederland zijn toegepast is niet bekend. Er zijn in elk geval maar zeer weinig bewaard gebleven. De best bekende bevindt zich in de vloer van de zgn. Bovenvestibule (of ‘Oranjegalerij’) van het stadhuis van Den Bosch maar wanneer deze werd aangelegd is niet bekend.

De invoering van de middelbare tijd
Naarmate de vervaardiging van uurwerken steeds preciezer werd vond men het steeds bijstellen van de klok naar ware zonnetijd bezwaarlijk en vanaf het einde van de achttiende eeuw gingen enkele Europese steden over tot de invoering van middelbare (zonne)tijd voor hun stadsklokken. Als eerste gebeurde dit in Genève rond 1780 op aandringen van de klokkenmaker Jacques André Mallet, gevolgd door Londen in 1792.

De invoering hiervan werd met name vanuit de sterrenkunde gestimuleerd en in 1798 besloten een aantal sterrenkundigen die door de Duitse sterrenkundige Franz Xaver von Zach (1754-1832) in Gotha waren uitgenodigd om de middelbare tijd voortaan niet alleen in de nationale sterrenkundige almanakken toe te passen maar ook om te ijveren voor de invoering hiervan in de burgerlijke tijdrekening. Zo leidde dit tot de invoering van de middelbare tijd in Berlijn in 1810 en in Parijs in 1816.

Een van de vroegste voorstanders van de invoering van middelbare tijd in Nederland was Jacob Maurits Carel baron van Utenhove van Heemstede (1773-1836), een liefhebber in de sterrenkunde, die met Von Zach bevriend was. In 1804 liet hij voor zijn buitenresidentie Kasteel Heemstede bij Houten een zonnewijzer (vermoedelijk een verticale meridiaanlijn met een tijdvereffeningslus) verwaardigen die zowel de ware als de middelbare middaguur aangaf. In 1831 liet hij een soortgelijke verticale meridiaanlijn met een tijdvereffeningslus aanbrengen op de zuidwand van de Oude Brughuis van Jutphaas (bij ‘Het Sluisje’ langs de Utrechtsestraatweg in Nieuwegein). De Oude Brughuis werd in 1884 afgebroken maar de meridiaan met de tijdvereffeningslus is bewaard gebleven en bevindt zich nu in het Universiteitsmuseum van Utrecht.

Een andere verticale meridiaanlijn met een tijdvereffeningslus werd in 1836 door Coenraad ter Kuile (1781-1852) geplaatst aan de zuidwand van de Grote Kerk te Enschede en is daar nog steeds aanwezig.

In Nederland begonnen na 1830 geleidelijk enkele steden ook middelbare zonnetijd toe te passen (in 1836 hadden al 43 Nederlandse gemeenten de middelbare tijd aangenomen) maar een poging om dit landelijk in te voeren stuitte op het bezwaar dat veel gemeenten niet over de financiële middelen beschikten om zich van goed lopende uurwerken te voorzien.

In 1846 wordt de invoering van de middelbare tijd opnieuw bepleit. Een missive van de Minister van Binnenlandse Zaken wees erop dat het eerder geopperde bezwaar dat er geen goede en goedkope tijdmeters in de handel waren inmiddels was ondervangen. Alexander Kaiser (1814-1895), een ‘Mechanicus te ’s-Gravenhage’ en een broer van de Leidse hoogleraar in de sterrenkunde Frederik Kaiser (1808-1872), kon betrouwbare uurwerken (‘tijdbewaarders’) leveren voor de somma van f 70 à f 80. Naast het belang van een uniforme tijdregeling ten behoeve van de spoorwegen, werd ook naar het belang voor de rechtsspraak gewezen:

Het is zelfs in regtszaken niet onverschillig, dat er overal eene zoo veel mogelijk juiste tijdsaanwijzing besta, daar anders, bij voorbeeld, al ligtelijk het bewijs van een alibi, hetwelk inderdaad niet bestaan heeft kan geleverd worden, of zich het omgekeerde geval kan opdoen, waarbij dan de belanghebbende van het leveren van een goed regtsbewijs zou worden verstoken.” [Bijvoegsel tot het Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden [voor 1846], uit de Officiële Stukken door de Departementen van Algemeen Bestuur en verdere Hooge Staatscollegiën en Beambten, met Autorisatie van Zijne Majesteit Den Koning, verstrekt, nr. 120]

Welke tijd?
Zoals elders ter wereld was het vooral aan de opkomst van de spoorwegen en het telegraafnetwerk in het midden van de negentiende eeuw te danken dat men de invoering van één voor het gehele land geldende tijd wenselijk achtte. Zo gingen in Engeland de meeste spoorwegmaatschappijen al in 1840 over tot de middelbare tijd van de Royal Observatory van Greenwich.

Ook in Nederland gingen er toen al stemmen op om op regionale schaal de middelbare tijd van een centraal gelegen plaats aan te nemen. Zo verzochten de Gedeputeerde Staten van Noord-Holland al in 1835 aan de burgermeesters en wethouders van de verschillende dorpen en steden in dit district om hun tijd naar de middelbare tijd van Amsterdam te regelen.

In de telegraafwet van 1852 werd bepaald dat de landelijke telegraafdienst de klokken op haar kantoren naar “den middelbaren tijd van Amsterdam” moesten regelen. In latere wijzigingen van de telegraafwet werd het toegestaan om de openingsuren van de telegraafkantoren in de plaatselijke tijd op te geven maar bij de verzonden telegrammen moest altijd de Amsterdamse Tijd worden opgegeven. Vanaf 1 januari 1866 moesten zowel de openingstijden als de op de telegrammen vermelde tijden opgegeven worden naar “den middelbaren tijd der hoofdstad”, ofwel die van Amsterdam.

Volgens het Algemeen Reglement voor de spoorwegdiensten van 12 mei 1863 diende ieder station te zijn “voorzien van een goed loopend uurwerk, geregeld naar den middelbaren tijd naar welken de dienst op den spoorweg plaats heeft”, waarbij de keuze van de aangehouden tijd aan de spoorwegmaatschappijen zelf werd overgelaten. Omstreeks 1858 waren enkele maatschappijen al naar de middelbare tijd van Amsterdam overgegaan.

In het besluit van 31 juli 1866 tot wijziging van het spoorwegreglement werd bepaald dat de tijd op alle stations en in alle dienstregelingen voortaan naar de “middelbaren tijd van Amsterdam” opgegeven dienden te worden. Aangezien de meeste plaatsen toen al met het landelijk spoor- en telegraafnetwerk waren verbonden, kan verondersteld worden dat ook zij de Amsterdamse tijd hanteerden.

De International Meridian Conference (1884) en erna
In oktober 1884 vond in Washington de International Meridian Conference plaats om tot een overeenkomst te komen betreffende de ligging van de nulmeridiaan en de wereldwijde standaardisering van de tijd. Ook Nederland, die behoorde tot de 25 “beschaafde” landen die door de Amerikaanse regering waren uitgenodigd, was aanwezig en werd vertegenwoordigd door de buitengewoon gezant en gevolmachtigd minister te Washington, Wilhelm Ferdinand Heinrich von Weckherlin (1842-1906).

Volgens de toen aangenomen richtlijnen zou de aarde verdeeld moeten worden in tijdzones waarbinnen steeds een uniforme tijd werd gehanteerd die met een constante tijdsverschil met die van de aangrenzende tijdzones afweek. Elk land zou dan de zonetijd moeten volgen die het best met haar geografische ligging overeenkwam tenzij dit minder wenselijk was door motieven van economische of andere aard. De grootte van de tijdzones werd niet voorgeschreven maar volgens de ingediende voorstellen zouden deze kunnen variëren tussen 10 minuten en een heel uur. Uit praktische overwegingen werd de voorkeur gegeven aan tijdsverschillen van hele uren maar de commissie ??.

Gezien de keuze om de nulmeridiaan door de Royal Observatory van Greenwich te laten lopen, leek het logisch dat ook Nederland de middelbare tijd van Greenwich (GMT = Greenwich Mean Time of Westeuropese Tijd) zou invoeren. Geografisch gezien ligt Nederland dichter bij de nulmeridiaan dan bij de meridiaan van 15 graden oosterlengte waar de Middeneuropese Tijd naar geregeld is. Ook voor de scheepvaart was dit voordelig omdat men de scheepschronometers die voor de lengtebepaling nodig waren ook hiernaar werden afgeregeld.

De Nederlandse deelneming in een Europese samenwerkingverband tussen de verschillende nationale spoor- en telegraafnetwerken maakte het echter noodzakelijk dat ook Nederland de Westeuropese Tijd zou invoeren. In het regeringsbesluit van 19 april 1892 werden de Nederlandse spoorwegen dan ook wettelijk opgelegd om vanaf 1 mei van hetzelfde jaar de “middelbaren tijd van Greenwich” aan te houden (Staatsblad 1892/89). Ook de telegraafdiensten moesten vanaf 1 mei de Westeuropese Tijd aanhouden (Staatsblad 1892/94, art. 4; herhaald in Staatsblad 1897/157, art. 4).

Om ervoor te zorgen dat overal in het land dezelfde tijd werd gehanteerd stelden de ministers van Binnenlandse Zaken, Johannes Pieter Roetert Tak van Poortvliet (1839-1904) en van Waterstaat, Handel en Nijverheid, Cornelis Lely (1854-1929), op 10 maart 1892 voor om met ingang van 1 mei ook landelijk de tijdzone van Greenwich aan te houden. Het voorstel werd echter nooit tot een wet bekrachtigd en de gemeentebesturen van diverse grotere plaatsen zoals Amsterdam, Rotterdam, Utrecht, Arnhem, Nijmegen, enz., spraken hun voorkeur uit om de Middeneuropese Tijd aan te houden omdat dit beter aansloot met die van het buurland Duitsland. Het gevolg was dus dat er feitelijk niets gebeurde; men bleef landelijk de Amsterdamse tijd hanteren met uitzondering van de spoorwegen en telegraafdiensten, die door de wet verplicht waren om de Westeuropese Tijd te hanteren. Deze, van de rest van het land afwijkende tijdrekening, werd dan ook vaak ‘spoortijd’ of spottend ‘grindpadtijd’ genoemd.

Op 11 juni 1895 werd door de regering een motie van het parlementslid Gerard Jacob Theodoor Beelaerts van Blokland (1843-1897) met 57 stemmen voor (en 15 tegen) aanvaard waarin gepleit werd om met ingang van 1 mei 1897 de Middeneuropese Tijd als wettelijke tijd in Nederland in te voeren. Ook dit voorstel kwam echter nooit tot een wet. Nog ruim tien jaar lang zou men in Nederland blijven doormodderen met een veelheid van gehanteerde tijden. Zo beschreef een reiziger de situatie rond Venlo in 1907 in het vakblad voor horlogemakers Christiaan Huygens als volgt:

Onlangs vertrok ondergeteekende uit een plaatsje over de grens te 12.11 Duitse tijd en arriveerde te Venlo 11.42 spoortijd; de torenklok te Venlo stond op 12.07. Mijn trein naar Amsterdam vertrok te 3.42; de vier uur welke ik had, wilde ik besteden voor een uitstapje naar Tegelen.
De tram naar Tegelen stond reeds bezet met publiek voor het station. “Hoe laat vertrek je, conducteur?” “Te 12.50, mijnheer.” “Nu, dan ga ik nog een half uurtje de stad in.” “Pardon, mijnheer, wij gaan nu, het is al over tijd.” “Maar het is toch pas 11.52?” “Jawel, maar wij rekenen Duitse tijd.

Conducteur, ik moet te 3.42 spoortijd naar A[msterdam].” “Kan ik terug rijden, of moet ik loopen?” “Niet nodig, mijnheer, te 3.40 gaan wij van Tegelen en dan is U zoowat 3.30 aan het statil (station).”
Jawel, 3.40 vertrekken, 3.30 aan het station, houd nu je hoofd maar bij elkaar. Wat wonder, dat de gemoedelijke conducteur de helft der passagiers moest inlichten, hoe laat het vertrek en aankomst te Venlo was in Duitschen tijd, spoortijd en Venloschen tijd. Zal dit beter worden met eenheid van Tijd, vooral als het Amsterdamschen Eenheidstijd wordt?”


Geplaatst na 1 minuut 28 seconden:
Blauwtje schreef::shock:

Zeg Jorre en Francis: merci hè, ik ben nog niet genoeg in de war... :roll:

En wie gaat er nu voor zorgen dat ik maandag niet te vroeg op mijn werk zal staan?... Wij hebben dus wel een alarm dat afgaat als je de code vergeten bent om dit af te zetten als je vergeten bent dat je geen uur te vroeg achter je computer moet kruipen hè... of zoiets... :?
Daylight Saving Time instellen. :wink:
Of een haan op je nachtkastje zetten. 8)

070911

Bericht door 070911 » 19 okt 2006, 12:53

Jorre schreef: En Francis, ik kaats de bal even terug (tussen ons: twee 'saaiste mannen' van het forum :lol: )
Vraag: Bij ons is het 14 uur tijdens de zomer als de zon in haar maximale culminatiehoogte staat. Verklaar dit!
Kleine hint: 'De aarde draait' 8)
Mais ... QUATORZE HEUR ! Et le soleil est là-bas. C'est extraordinaire! ... C'est la logique presidentielle ça. Le soleil a bien compris le mot du president Di Rupo. Deux heurs de retard?! ... C'est un débat secondaire! O verra bien quand le soleil est au maximum. Mais ... elle sera là! Voilà! C'est ça!! C'est comme ça. C'est ça la logique presidentielle!

Jorre

Bericht door Jorre » 19 okt 2006, 12:55

Francis schreef:
Jorre schreef: En Francis, ik kaats de bal even terug (tussen ons: twee 'saaiste mannen' van het forum :lol: )
Vraag: Bij ons is het 14 uur tijdens de zomer als de zon in haar maximale culminatiehoogte staat. Verklaar dit!
Kleine hint: 'De aarde draait' 8)
Mais ... QUATORZE HEUR ! Et le soleil est là-bas. C'est extraordinaire! ... C'est la logique presidentielle ça. Le soleil a bien compris le mot du president Di Rupo. Deux heurs de retard?! ... C'est un débat secondaire! O verra bien quand le soleil est au maximum. Mais ... elle sera là! Voilà! C'est ça!! C'est comme ça. C'est ça la logique presidentielle!

:lol: :lol: :lol: C'est ça!!

20100226

Bericht door 20100226 » 19 okt 2006, 13:01

Jorre schreef: 'De aarde draait'
Volgens mij jullie twee nog meer... :roll:

Of zitten jullie aan de paddenstoelen of zo? :shock: :wink:

Jorre

Bericht door Jorre » 19 okt 2006, 15:33

Eric schreef:
Jorre schreef: 'De aarde draait'
Volgens mij jullie twee nog meer... :roll:

Of zitten jullie aan de paddenstoelen of zo? :shock: :wink:
Hm, high in the sky :oops:

080430

Bericht door 080430 » 19 okt 2006, 16:43

Jorre schreef:
Hm, high in the sky :oops:
Bij Lucy en de diamanten? ;) :oops:

Jorre

Bericht door Jorre » 19 okt 2006, 21:20

Cyber schreef:
Jorre schreef:
Hm, high in the sky :oops:
Bij Lucy en de diamanten? ;) :oops:
Als die in haar ogen blinken, is het ook al goed zeker? :wink:

130718

Bericht door 130718 » 19 okt 2006, 21:39

ik heb al da verwarrend gedoe ni gelezen, maar vind het zalig om in m'n vrij weekend lagner te kunnen slapen!
en dat zeker na de fuif! hehe
nie slecht

Draakje

Bericht door Draakje » 20 okt 2006, 10:51

Vroeger kon ik daar ook van genieten, van dat uurtje langer in bed vertoeven.

Nu staat hier een klein vogeltje aan 't bed op 6u ipv 7u :?

Gelukkig hebben we haar kunnen wijsmaken dat ze pas mag opstaan als er een 7 vooraan op de wekker staat ('t is een digitale). Maar ondertussen ben je wel wakker, en geloof me : slapen doe je niet echt meer met een kleine smurf die om de vijf botten komt kijken of er al een zeven staat :lol:

Denk dat ze binnenkort een wekker op haar kamer krijgt : kan ze daar naar kijken en alleen zichzelf wakker houden :wink:

Jorre

Bericht door Jorre » 20 okt 2006, 13:47

Draakje schreef:Vroeger kon ik daar ook van genieten, van dat uurtje langer in bed vertoeven.

Nu staat hier een klein vogeltje aan 't bed op 6u ipv 7u :?

Gelukkig hebben we haar kunnen wijsmaken dat ze pas mag opstaan als er een 7 vooraan op de wekker staat ('t is een digitale). Maar ondertussen ben je wel wakker, en geloof me : slapen doe je niet echt meer met een kleine smurf die om de vijf botten komt kijken of er al een zeven staat :lol:

Denk dat ze binnenkort een wekker op haar kamer krijgt : kan ze daar naar kijken en alleen zichzelf wakker houden :wink:
Haast je, Draakje: het is bijna zo ver :wink: .

20100226

Bericht door 20100226 » 22 okt 2006, 19:41

Jorre schreef:
Haast je, Draakje: het is bijna zo ver :wink: .
Merçi hé Jorre,

Door deze opmerking dacht ik dat het dit WE was dat de klok teruggedraaid werd. :lol:

Gevolg:
Een hele dag een uur achtergelopen op de rest van de mensen...
Vriendin wss te laat bij ex om zoontje af te halen...
En morgen moet ze heel vroeg weg met het vliegtuig...dat ze bijna een uur te laat zou genomen hebben... :?

Dedjuu, ik ga het nogal moeten gaan uitleggen vrees ik... :oops: :?


Een paar tips? :wink:

Jorre

Bericht door Jorre » 23 okt 2006, 14:03

Euh, is er een dokter op het forum? :?

Jorre

nog een toemaatje

Bericht door Jorre » 25 okt 2006, 15:22

Volgend weekend spelen we opnieuw met de tijd, zo blijkt uit een mededeling van de FOD Binnenlandse Zaken. In de nacht van zaterdag op zondag draaien we de klok een uur achteruit en gaat de wintertijd weer in.

In de nasleep van de oliecrisis van 1973 voerde Frankrijk de zomertijd in 1976 in om energie te sparen. De Britse eilanden kenden de zomertijd al van daarvoor en de Benelux volgde in 1977. Zondagmorgen 29 oktober om 03.00 uur draaien we dus de klok een uur achteruit, zodat we op GMT 1 (GMT is min of meer de wereldtijd UTC) komen in plaats van GMT 2. Slimmerds verrichten deze operatie voor het slapengaan en niet midden in de nacht. Men zal dus een uur meer kunnen slapen of uitgaan. Wie nachtdienst heeft, zal een uur meer moeten werken. Dankzij de straks afgelopen zomertijd kunnen we 's avonds langer van het daglicht profiteren en is er minder elektrisch licht nodig. De Belgische Vereniging tegen de Zomertijd (BVZT) is al jaren tegen de ingreep, met als argument dat die schadelijk zou zijn voor de gezondheid. (svr)

Bron: Belga

Emmeke

Bericht door Emmeke » 25 okt 2006, 15:39

Tegen deze omschakeling kan ik best tegen, die van wintertijd naar zomertijd is altijd een ramp voor mij, ik kan sowieso al heel slecht opstaan !

Jammer dat ik alweer zaterdag én zondag "mag" gaan werken...ik zou een gat in de dag slapen ! :?

Gebruikersavatar
ann
Berichten: 3966
Lid geworden op: 20 mar 2004, 21:41
Locatie: waasmunster

Bericht door ann » 25 okt 2006, 21:02

Emmeke schreef:Tegen deze omschakeling kan ik best tegen, die van wintertijd naar zomertijd is altijd een ramp voor mij, ik kan sowieso al heel slecht opstaan !

Jammer dat ik alweer zaterdag én zondag "mag" gaan werken...ik zou een gat in de dag slapen ! :?
Hier ook zo ééntje die niet graag vroeg opstaat :roll: :wink:
Gelukkig heb ik dit jaar de laten ... vorig jaar was het de nacht en dan is het een uurtje extra/onbetaald werken ...
Tijd heelt geen wonden.
Tijd leert je leven met verdriet...

Geluk is de kunst van een boeket te maken met de bloemen waar je bij kan ...

Plaats reactie